9 vragen aan BAS Energie: “Nederland kan volledig draaien op duurzame bronnen”

9 vragen aan BAS Energie: “Nederland kan volledig draaien op duurzame bronnen”

Energiebedrijf BAS Energie biedt bedrijven een nieuw verdienmodel aan door ze eigenaar te maken van hun energievoorzieningen. De aanpak zorgt onder meer voor minder energieverbruik en dito energiekosten. Een interview met oprichter Arash Aazami, die kritisch is over de huidige staat van de Nederlandse energiemarkt. Aazami: “Nederland kan als land volledig draaien op duurzame energiebronnen. Tijdens de Gouden Eeuw waren 1100 windmolens in de Zaanstreek verantwoordelijk voor de gehele energievoorziening aldaar”.

1. Met welke reden heeft u BAS Energie opgericht?
Aazami: “Het verdienmodel van de energiewereld is centralistisch. Energiebedrijven zijn erbij gebaat dat klanten zoveel mogelijk kilowatturen afnemen. BAS Energie heeft een ander paradigma: een klant kan meer verdienen door minder kilowatturen af te nemen”.

2. Wat is jullie verdienmodel?
Aazami: “We nemen de huidige energiekosten van een klant als bovengrens. Door middel van lagere tarieven, energiebesparingen en energiebeheer kunnen we voor deze klant meer financiële ruimte creëren. We doen de energie-inkoop voor onze klanten en creëren extra budgetruimte. Ons BAS Budget werkt op eenzelfde manier als een annuïteitenhypotheek. De klant betaalt de eerste termijn vooral rente. In de laatste termijn betaalt de klant vooral aflossing voor deenergievoorzieningen die we bijvoorbeeld in zijn kantoor doorvoeren”.

3. Het lijkt op het ESCo-model?
Aazami: “Ja, we hebben BAS Budget en het ESCo-model gecombineerd tot één financiële propositie. Dit model is een eye opener voor bijvoorbeeld een vastgoedeigenaar, omdat hij na aflossing eigenaar wordt van de energievoorzieningen. De gemiddelde terugverdientijd ligt tussen de tien en twintig jaar. We zetten dit model in voor het laaghangende fruit in de markt. Onze klanten zijn afkomstig uit de sectoren vastgoed, woningcorporaties, zorginstellingen, detailhandel en MKB. We hoeven klanten steeds minder te overtuigen van ons concept. Klanten krijgen we via mond-tot-mond reclame. We groeien qua omzet sterk. De winst wordt weer geïnvesteerd in het bedrijf”.

4. Wat is uw mening over de energietransitie?
Aazami: “De energietransitie gaat heel langzaam. Nederland moet van Europa voldoen aan 14 procent duurzame energie in 2020. We moeten oppassen dat deze veertien procent geen acht procent wordt. Peter Plug, die onlangs afscheid nam van NMa, heeft zorgen geuit over de vernieuwing van de vrije markt. Nog steeds is 89 procent nog in handen van de drie grootste energiepartijen. Elf procent is in handen van de vrije markt, dus er is één procent groei per jaar.”.

5. Wat voor obstakels ziet u op de energiemarkt?
Aazami: “In de wetgeving moet er meer ruimte geschapen worden om de energietransitie mogelijk te maken. Er zijn nieuwe type contracten en financiering nodig. De Energiekamer moet meer bevoegdheden krijgen om ook de financiële afwikkeling van energievoorziening uit te voeren. Nu moet je als energieproducent naar zowel de Energiekamer als de Autoriteit Financiële Markten. Ook het systeem van energiebelasting klopt niet. Degene die meer vervuilt, betaalt minder”.

6. Wat zijn volgens u de redenen dat een energietransitie uitblijft?
Aazami: “De lobby van de fossiele energiebedrijven is vrij sterk. Maar die lobby loopt mank, omdat er vanuit Europa duurzaamheidseisen zijn. Dat wordt een zwaard van Damocles voor de fossiele branche. Het geloof in aardgas vind ik ook ongegrond. Ook aardgas raakt op den duur op en wordt steeds moeilijker en duurder om uit de grond te halen. Het is een energiebron voor de transitie, maar is geen energiebron voor de toekomst”.

7. Toch wordt aardgas gezien als een onmisbare energiebron om de industrie draaiende te houden?
Aazami: “Ik denk dat we het energievraagstuk breed moeten benaderen. Er staan nu aluminiumfabrieken in Nederland die veel energie vragen. Je kunt je afvragen of ze hier gevestigd moeten zijn. Misschien is het energie-efficiënter om ze bijvoorbeeld in IJsland te plaatsen met hun geothermische bronnen”.

8. Hoe kunnen we als Nederland weer een koploper worden?
Aazami: “Ik geloof dat Nederland volledig op duurzame energie kan draaien. In de Gouden Eeuw hadden we 1100 windmolens in de Zaanstreek die voor alle energie zorgden. Met de technologieën die voorhanden zijn kunnen we weer een koploperspositie verwerven”.

9. Welke voorwaarden zijn nodig om duurzame energie grootschalig mogelijk te maken?
Aazami: “Een andere energiepolitiek met de juiste regels, juiste type contracten en juiste type financiering. Er zijn meer geld, producten en oplossingen nodig. Oplossingen moeten zichtbaar worden voor een breed publiek om het bewustzijn te veranderen. De energietransitie kan net zo onbewust verlopen als zich ooit de industriële revolutie heet voltrokken. Laat de energie-experts het oplossen. Voorwaarde is daarbij een ‘return of investment’ voor elke belanghebbende”.

Vraag aan de lezer

Bent u het eens met Dhr. Aazami? Kunnen duurzame bronnen (op termijn) zorgen voor de volledige energievoorziening van Nederland en zo ja, wat is daar voor nodig?